Persberichten
Persmap onderzoek diftar
10 oktober 2005
VLD en Vlaams Belang nemen diftar onder de loep
Toen eind juni de eerste diftar(proef)facturen in de Berlaarse brievenbussen vielen, bleek al snel dat de bedenkingen die de VLD- en de Vlaams-Belangfractie reeds eerder hadden geuit omtrent de werking en de betrouwbaarheid van het diftarsysteem zoals dat sinds begin dit jaar in Berlaar in gebruik is, helemaal niet onterecht waren.
Heel wat van de facturen en proeffacturen vermeldden datums waarop wel een lediging werd aangerekend, maar met … nul kilogram opgehaald gewicht of zij vermeldden zodanige schommelingen in de ophaalgewichten dat de juistheid van de factuur door de afvalaanbieder sterk werd betwijfeld. Op andere (proef)facturen ontbraken dan weer datums waarop wel degelijk een afvalcontainer was aangeboden.
Voor VLD en Vlaams Belang waren dit redenen te over om de handen in mekaar te slaan en samen het diftarsysteem grondig onder de loep te nemen. Bovendien beschikten beide fracties ondertussen over:
Een verslag van de afvalintercommunale Ivarem van 1 juli 2005 waarin letterlijk wordt gemeld dat bij de start van diftar in ondermeer Berlaar het nieuwe systeem onvoldoende was getest en niet naar behoren functioneerde: “Het door Telindus te leveren systeem diende operationeel te zijn op 4 januari 2005 (1ste ophaling). Door beide partijen werd de nodige flexibiliteit en inzet aan de dag gelegd om de voortgang van het project te verzekeren. Toch konden door tijdsgebrek de uitgebreide tests (hele dag wegen) niet worden uitgevoerd vóór de start van de inzamelingen. Door het niet tijdig bechippen van de grote afzetcontainers verliep de toewijzing van deze containers aan bepaalde inzamelingen niet automatisch. Ook het communicatiegedeelte, zowel met het beheerssysteem als met de boordcomputer, functioneerde niet op 04/01/2005.”
Een verslag van de afvalintercommunale van 20 mei 2005 waarin uitvoerig een beschrijving wordt gegeven van niet minder dan 26 technische problemen die bestonden van bij de start van diftar. Deze mankementen behelzen ondermeer containers met constructiefouten, onvoldoende opleiding van het personeel dat de ophaalwagens moet bedienen, problemen met het registreren van gewichten, problemen met het beheerssysteem, problemen in de software, …
De basis van het diftaronderzoek dat Vlaams Belang en VLD samen uitvoerden, vormen controlewegingen van een aantal willekeurig gekozen containers verspreid over de gemeente die op een geijkte weegschaal werden uitgevoerd en de ophaal- en stortgegevens van de afvalintercommunale zelf.
Het onderzoek leidde tot een aantal opmerkelijke vaststellingen die een vervolg zullen kennen in de zittingen van de Berlaarse gemeenteraad. Vlaams Belang en VLD zullen het gemeentebestuur dan gezamenlijk interpelleren.
Dirk Aras - Julo Lambrechts
Fractievoorzitter Vlaams Belang - Fractievoorzitter VLD-Berlaar
1. Opvallende afwijkingen in de wegingen
Opmerking vooraf:
Op 8 juli 2005 liet Ivarem via elektronische post weten dat een container van 140 liter 10 850 gram weegt en een container van 240 liter 14 650 gram.
De door Ivarem geregistreerde gewichten worden steeds afgerond naar halve en hele kilo’s.
Weging op 4 juli 2005 (ophaling 5 juli 2005)
Adres Container
Registratie door Ivarem (kg) Container = 10,85 kg
Eigen weging Verschil
Heimolenstraat 140 liter 15; 15,06; + 0,06
Azaleastraat 140 liter 18; 17,42; - 0,58
Liersesteenweg 140 liter 12,50; 8,74; - 3,76
Smidstraat 140 liter 8; 7,73; - 0,27
Dorpstraat 140 liter 12; 11,52; - 0,48
Itegembaan 140 liter 14,50; 8,22; - 6,28
Weging op 12 september 2005 (ophaling 13 september 2005)
Adres Container
Registratie door Ivarem (kg) Container = 10,85 kg
Eigen weging Verschil
Azaleastraat 140 liter 9,50; 14,15; + 4,65
Liersesteenweg 140 liter 2,50; 8,38; + 5,88
Itegembaan 140 liter 19,00; 15,98; - 3,02
Weging op 26 september 2005 (ophaling 27 september 2005)
Adres Container
Registratie door Ivarem (kg) Container = 10,85 kg
Eigen weging Verschil
Heimolenstraat 140 liter 12; 11,27; - 0,73
Liersesteenweg 140 liter 6; 9,00; + 3,00
Smidstraat 140 liter 14; 12,53; - 1,47
Dorpstraat 140 liter 13; 14,07; + 1,07
Op 4 juli en 12 september werd ook een container van 240 liter uit de Misstraat gewogen:
Registratie door Ivarem (kg) Eigen weging Verschil
05/07/2005 14; 8,49; - 5,51
12/09/2005 9; 13,17; + 4,17
Zowel door VLD als Vlaams Belang werd reeds een klacht ingediend tegen deze flagrante weegverschillen:
- Brief van 8 juli 2005 (VLD).
- Brief van 5 oktober 2005 (Vlaams Belang)
In het antwoord dat het Berlaarse gemeentebestuur op 19 juli 2005 formuleerde op de eerste klacht, wordt geen aanvaardbare verklaring gegeven voor het verschil tussen onze eigen controleweging en de weging van Ivarem. Het gemeentebestuur beperkt zich in zijn antwoord tot het verwijzen naar de ijktolerantie van de diftarweegapparatuur en een vermoedelijke ijktolerantie van het toestel dat werd gebruikt voor de controlewegingen en besluit hieruit dat er niets aan de hand is.
VLD noch Vlaams Belang leggen zich neer bij deze al te eenvoudige uitleg. In tegendeel uit het ijkingcertificaat van de weegschaal die door Vlaams Belang en VLD voor de controlewegingen werd gebruikt, blijkt dat deze nauwkeurig is tot op 10 gram voor wegingen tot 30 kilogram (ijking 8 maart 2005). Aangezien dit ijkingcertificaat de tweede klacht staaft, zijn wij erg benieuwd naar het antwoord hierop.
Wij stellen ons dan ook vragen bij de nauwkeurigheid van de weegapparatuur die op de ophaalwagens is geïnstalleerd. Uit het antwoord van het gemeentebestuur blijkt dat voor deze ‘dynamische weegapparatuur’ tot een nettogewicht van 25 kg een maximumafwijking van 1,5 maal de weegeenheid (0,5 kg) wordt getolereerd. Dit betekent dat het opgemeten gewicht maximaal 0,75 kg hoger of lager mag liggen dan het werkelijke gewicht. Rekening houdend met de afronding waarbij een maximaal verschil van 0,24 kg met het opgemeten gewicht kan optreden, kan de afwijking van het genoteerde tegenover het werkelijke gewicht maximaal 0,99 kilogram bedragen. Bijna een volle kilogram dus.
Eén kilogram weegtolerenatie voor de diftarweegapparatuur en 10 gram weegtorelantie voor de controleweegschaal volstaan echter geenszins om de gewichtverschillen van bijvoorbeeld 2,41 kg, 4,35 kg, 5,51 kg, 6 kg en 7,23 kg te verklaren. VLD en Vlaams Belang stellen zich dan ook grote vragen bij de nauwkeurigheid van de wegingen die door Ivarem worden uitgevoerd met de weegapparatuur die op de ophaalwagens is geïnstalleerd.
Temeer omdat we in het verslag van de Raad van Bestuur van Ivarem van 20 mei 2005 kunnen lezen dat het op 15 maart voorkwam dat als gevolg van een beschadiging van een beladingsysteem hogere gewichten werden aangerekend ! Verwijzen we bovendien nog naar het verslag van Ivarem van 1 juli 2005 waarin we letterlijk lezen dat bij de opstart van diftar: “De geregistreerde gewichten liggen (bijna) steeds binnen de toleranties van de ijknorm”. Bijna steeds … !
2. Ophaal- en stortgewichten stemmen niet overeen
Uit de bijgevoegde tabel blijkt dat er enorme verschillen bestaan tussen het gewicht dat op de ophaaldatums door Ivarem werd ingezameld in de gemeenten Berlaar, Duffel en Bonheiden en het stortingsgewicht bij de afvalverwerker van diezelfde hoeveelheid opgehaald afval. Ook de bijbehorende grafieken tonen dat overduidelijk aan.
Op basis van deze gegevens stellen Vlaams Belang en VLD zich opnieuw ernstige vragen bij de gewichtregistratie door Ivarem. Het feit dat het gewicht van eventuele piekzakken niet wordt geregistreerd, kan het verschil tussen het opgehaalde gewicht en het gestorte gewicht niet verklaren. Uit het verslag van de Raad van Bestuur van Ivarem van 20 mei 2005 halen we dat ook op de weegbruggen van de verwerker een tolerantie zit en dat gewichtsverschillen van ± 4% binnen deze toleranties liggen. Uit de tabel blijken echter verschillen van 8%, 9%, 20% en meer.
VLD en Vlaams Belang zijn in elk geval benieuwd te vernemen hoe deze enorme verschillen worden verklaard, waarom ze nog steeds bestaan en wat de financiële impact ervan zal zijn voor de respectieve gemeenten.
3. Administratieve problemen
Om de nodige controles te kunnen verrichten en de juiste bedragen als contantbelasting te kunnen boeken, dient ten behoeve van de gemeenteontvanger door Ivarem maandelijks een financiële staat te worden opgemaakt.
Pas op 18 juli trachtte Ivarem zich voor het eerst van die taak te kwijten door het afleveren van een summier rapport voor de periode van de start van diftar tot eind juni 2005. Het rapport bevatte vier cijfers die het totaal bedrag terugbetaald wegens definitieve afsluiting (wegens verhuis), het totaal geïdentificeerd bedrag (stortingen die rechtstreeks aan een adres konden worden toegewezen), het totaal niet geïdentificeerd bedrag (= voorlopig niet identificeerbaar) en het totaal terugbetaald bedrag (= definitief niet identificeerbaar) moeten voorstellen. Uit die cijfers bleek dat er geen volledige overeenstemming was tussen de gemeentelijke registratie van ontvangen en van teugbetaalde bedragen en de registratie van Ivarem. Dit probleem deed zich voor in Berlaar, maar ook in Duffel en in Bonheiden.
Om te kunnen nagaan waar de verschillen zich juist situeren, zijn echter rapporten nodig per afgesloten maand (= per laatste bankwerkdag van de maand), die uiteraard ook maandelijks aan de gemeenteontvanger moeten worden bezorgd. Bovendien is er een dagelijkse detail nodig van de nog niet geïdentificeerde bedragen met de datum van betaling. Terwijl deze gegevens voornamelijk een controle beogen van een overstemming van de globale ontvangsten geregistreerd bij de gemeente en bij Ivarem, is er tevens behoefte aan gegevensuitwisseling omtrent de maandelijks definitief verworven contantbelasting en de saldi van de provisierekeningen. Ook dat blijkt niet te verlopen zoals het zou moeten. Zonder al die gegevens is het voor de gemeenteontvanger echter onmogelijk degelijk toezicht te houden op de administratieve verrichtingen. Een werkwijze waarbij Ivarem gewichten annuleert op afgesloten maanden als gevolg van klachten, ledigingsgegevens verwerkt op afgesloten maanden of nog handelingen verricht op aansluitingspunten (adressen) op afgesloten maanden (bijvoorbeeld als gevolg van een te laat doorgegeven verhuis), is strijdig met de reglementering waaraan een gemeente zich moet houden.
Ook wanneer bijvoorbeeld een gezinshoofd verhuist, bleek het maanden te duren eer de Ivarem-administratie de nodige aanpassingen omtrent de houder van de diftarrekening had doorgevoerd.
Er is dus een dringende bijsturing van de Ivarem-administratie nodig.
4. Negatieve saldi …
Uit informatie die op 23 september jl. werd ingewonnen bij de gemeentelijke administratie blijkt dat – ondanks het feit dat Ivarem zou instaan voor de administratieve opvolging van de contantbelasting op het ophalen en verwerken van het huisvuil – er bij een aantal inwoners van Berlaar toch negatieve saldi zijn ontstaan. Dit voor en totaalbedrag van 2 388,78 euro. In Berlaar gaat het om 119 adressen waarvan 48 een negatief saldo kennen van - 71 tot - 20 euro, 10 een negatief saldo van - 20 tot - 10 euro en 61 een negatief saldo van - 10 tot 0 euro. En dit ondanks de berichtgeving van Ivarem dat dit enkel in de opstartperiode zou kunnen gebeuren.
Uiteraard willen wij van het gemeentebestuur vernemen hoe dit probleem zal opgelost worden en in de toekomst zal worden uitgesloten.
5. Niet te controleren facturatie
Toen de afvalaanbieder uit de Itegembaan navraag deed naar de manier waarop zijn factuurbedrag van de ophaling van 5 juli 2005 is berekend, kreeg hij volgende informatie:
- Aanbieding container van 140 liter: 0,80 euro
- Een lediging van 11 kg + een lediging 1,5 kg + een lediging van 2 kg, maakt een totaal ophaalgewicht van 14,50 kg.
- Een optelling van de overeenkomstige verschuldigde bedragen: 0,80 + 1,65 + 0,2250 + 0,30 maakt een totaal factuurbedrag van 2,98 euro.
Uiteraard wekte deze informatie heel wat argwaan, zeker nu Berlaar – tegen de oorspronkelijke belofte van het Berlaarse gemeentebestuur in – een proefgebied voor het invoeren van diftar in de ganse Mechelse regio is. Ten eerste had de afvalaanbieder op de controleweging uitgevoerd door Vlaams Belang en VLD een afvalgewicht vastgesteld dat – afhankelijk van het gewicht van de container – zou liggen tussen 8 kg en maximum 10 kg. Ten tweede kan de aanbieder nergens op zijn factuur de splitsing van het gewicht in drie wegingen vaststellen. Zijn factuur vermeldt – in tegenstelling tot zoals dat voorkwam op de betalingsuitnodigingen die in juni waren verstuurd – slechts één gewicht en geeft dus niet exact weer hoe het factuurbedrag is samengesteld.
Hiermee komen we aan een van de meest fundamentele bezwaren tegen het diftarsysteem zoals dat in Berlaar wordt toegepast: de verplichte gebruiker heeft geen enkele mogelijkheid om de ophaling, noch de facturatie te controleren. Het argument van Ivarem dat net als bij andere nutsmaatschappijen een manuele controle van de facturen in de praktijk niet mogelijk is, gaat niet op. Bij die nutsmaatschappijen vertrekt de facturatie van door de klant controleerbare metergegevens. Bij diftar is dat hoegenaamd niet het geval !
In tegendeel, voor verschillen in geregistreerde gewichten is er blijkbaar steeds een gepaste uitleg:
- Een zelfde vulvolume betekent niet noodzakelijk een zelfde afvalgewicht …
- Er werd voor de controleweging geen geijkte weegschaal gebruikt en de controleweging is dus waardeloos …
- Er werd wel een geijkte weegschaal gebruikt, maar wellicht valt alles nog binnen de tolerantienormen …
Het wordt dan ook hoog tijd dat het gemeentebestuur eens uitlegt welk verhaal de inwoners van Berlaar hebben tegen deze vrijblijvende beweringen.
Besluit
De controlewegingen die VLD en Vlaams Belang samen uitvoerden, bewijzen dat het diftarsysteem zoals dat in Berlaar wordt gebruikt absoluut niet doorzichtig is. Op geen enkele manier voorziet het systeem een controle door de afvalaanbieder. De resultaten van de controlewegingen die VLD en Vlaams Belang samen uitvoerden, maar ook de stortingscijfers, zijn in elk geval niet van die aard dat zij de vragen en onduidelijkheden omtrent de diftarfacturatie wegnemen. In elk geval zijn ze in schril contrast met de voorspiegelingen die het gemeentebestuur en Ivarem omtrent het diftarsysteem maken.
- Op de vraag of het wegen van afval wel nauwkeurig is, beweert Ivarem nog altijd op haar webstek:
“Voor de weging van containers met een beladingssysteem bestaan er ijkprocedures die erkend zijn door het Ministerie van Economische zaken. Zo een ijkprocedure garandeert dat systematische afwijkingen van de wegingen uitgesloten zijn. Om de beïnvloeding van de weging door toevallige omstandigheden te minimaliseren, worden tijdens de hefbeweging meerdere wegingen uitgevoerd. Op basis van deze metingen wordt een gemiddelde bepaald. Zulk een gemiddelde is een betrouwbare maat omdat afwijkende metingen op deze manier geneutraliseerd worden. De meetfout van de huidige meetsystemen is kleiner dan 500 gram. In de praktijk betekent dit dat een gewicht dat wordt geregistreerd als bijvoorbeeld 17,500 kg in werkelijkheid ligt tussen 17,250 en 17,750 kg.”
Dit blijk alvast niet te kloppen. Intussen weten we dat de afwijking 0,99 kg kan bedragen, bijna een volle kilogram dus en niet een halve zoals hierboven wordt beweerd. Daarbij resulteert een afwijking van slechts een halve kilogram ten op zichte van bijvoorbeeld 17,500 kg in een geregistreerd gewicht dat ligt tussen 17 kg en 18 kg. Een veel ruimere marge dus dan Ivarem op haar webstek beweert !
- Op de vraag of diftar wel fraudebestendig is, beweert Ivarem op haar webstek:
“Vóór het ledigen, controleert het systeem of de aangeboden container wel geledigd mag worden. Een gemelde gestolen container komt op een zwarte lijst te staan, waarvan dagelijks een geactualiseerde versie in de boordcomputer is opgeslagen. Containers op de zwarte lijst mogen niet zondermeer geledigd worden. Dit voorkomt dat iemand een container zou stelen om dan op kosten van de eigenaar zijn afval aan te bieden.”
We spreken ons niet uit over fraude of diefstal, maar uit onze vraag naar negatieve saldi bleek in elk geval wel dat containers waarvoor geen provisie werd betaald of waarvoor de provisie onder de minimumgrens van 10 euro was gezakt, toch werden geledigd en dit ondanks het retributiereglement dat hiervoor bestaat. De communicatie van Ivarem naar de gemeente omtrent de noodzaak hiervoor ook een politiereglement te stemmen, liep in elk geval mank.
Om al deze redenen zullen Vlaams Belang en VLD de hele diftarprocedure en de afvalweging opnieuw ter sprake brengen op de vergadering van de gemeenteraad die plaatsvindt op dinsdag 18 oktober aanstaande.
Volgende vragen zullen alvast worden gesteld:
Een weegtolerenatie van 0,99 kg voor de diftarweegapparatuur en van slechts 10 gram voor de controleweegschaal volstaan absoluut niet om de gewichtverschillen van meer dan 4, 5, 6 en 7 kg te verklaren. VLD en Vlaams Belang stellen zich dan ook grote vragen bij de nauwkeurigheid van de wegingen die door Ivarem worden uitgevoerd met de weegapparatuur die op de ophaalwagens is geïnstalleerd. Kan er worden gewaarborgd dat de weegapparatuur op de ophaalwagens niet onderhevig is aan de handelingen die de ophalers verrichten ?
Op de gemeenteraadszitting van 13 juni jl. werd vermeld dat Ivarem procedures heeft voorzien om de correctheid van de wegingen op te volgen. Wat zijn die procedures en hoe waarborgt Ivarem deze opvolging ?
Om vertrouwen te kunnen hebben in een tariferingssyteem is het noodzakelijk dat de gebruiker – zeker de verplichte gebruiker – controle kan uitoefenen op de juistheid van zijn factuur. Hoe kan een gebruiker die niet over geijkte weegapparatuur beschikt, het geregistreerde ophaalgewicht betwisten en aantonen dat het gefactureerde bedrag niet juist is ?
Er blijkt een enorm verschil te zijn tussen de door de diftarophaling geregistreerde cijfers en de cijfers van de gestorte hoeveelheden afval. Wie zal het verschil tussen de toegewezen en de gestorte gewichten betalen ? Indien de ostprijs hiervan wordt verhaald op de gemeenten, welke verdeelsleutel zal dan worden gehanteerd ?
Hoe komt het dat gegevens omtrent de stortingscijfers die werden aangevraagd op 23 juni 2005 pas op 21 september 2005 – en dat na het versturen van drie herinneringen door het raadslid – beschikbaar zijn voor de gemeenteraadsleden. Hoe kan het dat drie maanden moet worden gewacht vooraleer de intercommunale erin slaagt statistisch materiaal uit een digitaal beheerssysteem te halen ?
Hoe kon het dat negatieve saldi bij bepaalde bewoners ontstonden ? Op welke manier wordt de gemeente in het bezit gesteld van de gegevens hieromtrent ? Is het initiatief daarvoor moeten uitgaan van de gemeente ? Wie is verantwoordelijk voor de controle en de opvolging van de negatieve saldi ? Is er al gebleken dat bepaalde saldi nooit zullen kunnen worden geïnd ? Ten laste van wie zullen eventueel oninbare bedragen zijn ?
Uit de brief van 8 september 2005 die namens het gemeentebestuur werd verstuurd naar Ivarem blijkt dat de diftaradministratie die de intercommunale hanteert, de gemeente dwingt te werken in een ‘soepelheid’ die strijdig is met wettelijke reglementeringen. Wat heeft Ivarem inmiddels gedaan om haar administratie in overeenstemming te brengen met de wettelijke verplichtingen waaraan de gemeente zich moet houden ?
Dirk Aras & Julo Lambrechts
Gemeenteraadslid